Huis vaak pas beveiligd na een eerste inbraak

Een eerste ervaring met een woninginbraak zorgt er vaak voor dat mensen hun woning beter gaan beveiligen. 9 op de 10 Belgen die in de laatste 5 jaar het slachtoffer werden van een woninginbraak, zegt dat ze minstens een deel van hun veiligheidsmaatregelen pas na de inbraak namen. Bij niet minder dan 4 op 10 van hen werden alle veiligheidsmaatregelen pas na de inbraak geïnstalleerd. Franstaligen en Belgen die in verstedelijkte gebieden wonen, geven bovendien vaker aan dat ze geen veiligheidsmaatregelen getroffen hebben voor een inbraak (FR: 16%, NL: 9%, verstedelijkt: 14%, landelijk: 10%). 

Ook de stap om een preventieadviseur om raad te vragen, namen mensen meestal pas nadat er bij hen was ingebroken. Bij de groep inbraakslachtoffers heeft 1 op de 7 al eens advies of bezoek gekregen van een preventieadviseur, maar meestal pas na de feiten. Bij de doorsnee Belgische bevolking is dat slechts bij 1 op 20 het geval. Toch blijkt uit de enquête dat slachtoffers van inbraak die al bezoek kregen van een preventieadviseur, het advies minstens gedeeltelijk opvolgden.  

Belg neemt zich voor om maatregelen te nemen na een inbraak 

De meeste Belgen die nog nooit in aanraking kwamen met een woninginbraak, zijn er in elk geval ook van overtuigd dat ze extra veiligheidsmaatregelen zouden treffen na een inbraak. Slechts een derde zou dat niet doen. Ook een kwart van de mensen die zelf vinden dat ze geen goede sloten hebben, zou na een bezoek van een indringer investeren in een beter slot. Verder zou een vijfde van de mensen die wat onoplettend zijn in het sluiten van deuren, daar beter op letten. Mensen die nog nooit advies kregen van een diefstalpreventieadvisieur zouden die in 20 procent van de gevallen wel om raad vragen na een inbraak.