Ramen op slot? Zo dringen inbrekers het vaakst binnen

Hoewel Belgen vaak hun ramen en deuren vergrendelen als voorzorgsmaatregel tegen woninginbraak, is het meestal toch langs die ingangen dat inbrekers zich een weg naar binnen weten te werken. Het raam op de benedenverdieping was bij een derde van de mensen bij wie in de laatste 5 jaar werd ingebroken de toegangsweg voor indringers. De voor-en achterdeur komen op de tweede en derde plaats. Dat betekent dat de inbrekers in 4 op de 5 gevallen langs ramen en deuren op de benedenverdieping naar binnen kwamen. 

Dat een open raam de meest gebruikte weg is, is niet verwonderlijk. Ongeveer een achtste van de mensen bij wie in de laatste 5 jaar is ingebroken, geeft aan dat niet alle deuren vergrendeld of op slot waren toen ze bezoek kregen van inbrekers. De deur was in bijna alle gevallen goed op slot, maar voor de ramen zit dat anders: 27% had de ramen niet op slot gedaan of vergrendeld op het moment van de inbraak, en zo’n 5% had zelfs één of meerdere ramen openstaan. De Belg denkt dan wel dat hij alles goed vergrendelt, maar hij is ook vaak nonchalant als het gaat over ramen. 

Ook ramen op de bovenverdieping zijn een mogelijke weg voor inbrekers. Daar is er een opmerkelijk verschil tussen Franstaligen en Nederlandstaligen: waar inbrekers bij Nederlandstaligen in slechts 4% van de gevallen langs het raam van de bovenverdieping gingen, lag dat cijfer bij Franstaligen meer dan drie keer zo hoog. Tussen verstedelijkte en landelijke gebieden is er ook een verschil merkbaar. In de stad komen inbrekers met 32% dubbel zo vaak langs de voordeur als op het platteland (16%), waar ze dan weer dubbel zo vaak (40%) via een raam binnenkomen dan in de steden (20%).